Website FelixArchief > Nieuws > Gedichtendag: Antwerpen en Amsterdam

Gedichtendag: Antwerpen en Amsterdam

Gedicht Antwerpen-Amsterdam

Speciaal voor gedichtendag, het jaarlijkse feest van de poëzie in Vlaanderen en Nederland, diepten wij een internationaal pareltje op uit onze archieven. Bij dit acrostichon of naamdicht vormen de eerste letters van elke regel een woord. Let vooral op de dichterlijke vrijheid in sommige regels.

Aan de koningin der Schelde, die haar heerlijk hof en Meir
Niet ontzeide aan een der vreemden, toegestroomd van heinde en ver,
Doch met meer dan zoeten glimlach Hollands kunstkroost heeft verbeid,
Waar zij hen met open armen 't roerend "Welkom" heeft gezeid!
Eedle gastvrouw, om wier voorhoofd een drievoudige erfkroon spant,
Ridder-eerkrans, kunstenlauwer, kroon van d'echten burgerstand,
Pronkjuweel der Dietsche Steden, neem mijn dankbre hulde en groet,
Eer de taal van 't Zuide' en Noorden langs uw dierbre Vlaamsche boorden,
Nergends weergalm meer ontmoet.

 

Adem wordt haar niet gelaten in den vrijen Vlaamschen beemd,
Minnen haar ook de onderzaten, d'overheden is ze een vreemd,
Sints een hoog begaafde Vlaming Onzer Vrouwe kerkspits wrocht,
Toen Massijs penseel en hamer op zijn Vlaamsch verbinden mocht,
En uw Rubens in den Hage Neêrlandsch sprak met trouwen monde,
Roepend om 't hereenigd leven, 't heelen der geslagen wonde,
Deed de wet zich krachtig hooren: "Dietschen geeft voegt Dietsche taal",
Amsterdam zal kunstzin leeren van uw burgers, van uw heeren...
Maar zij spreekt de taal der Vaadren: deel gij ook die zegepraal!

 

Josephus Albertus Alberdingk Thijm schreef exact 150 jaar geleden dit lofdicht over Antwerpen. Het Koninklijk Kunstverbond van Antwerpen schonk het gedicht aan het FelixArchief.

Nieuwsbericht gepubliceerd op 26-01-2012